Mensenrechten
De militaire junta in Myanmar maakt zich sinds ze aan de macht is gekomen in 1962 systematisch schuldig aan verschillende vormen van mensenrechtenschendingen.
Hieronder een beknopt overzicht:
Vrijheid van meningsuiting
Critici van het bewind worden voortdurend gearresteerd. Momenteel heeft Birma ruim 2000 politieke gevangenen. Al deze mensen zijn gearresteerd en vervolgens veroordeeld in processen achter gesloten deuren. Veelal worden ze na veroordeling overgeplaatst naar gevangenissen in afgelegen gebieden, waardoor het isolement van de gevangenen nog wordt versterkt.
Persvrijheid
De Birmese media wordt nauwlettend in de gaten gehouden door de militaire junta. Kranten en tijdschriften staan onder het gezag van het ministerie van informatie en worden hevig gecensureerd. Toegang tot internet is ook ernstig beperkt. In tijden van politieke spanning wordt het internet soms zelfs gedeeltelijk of volledig stop gezet.
Dwangarbeid
In haar economisch beleid maakt de junta op grote schaal gebruik van dwangarbeid voor o.a. de aanleg van infrastructuur. Enkele honderdduizenden burgers zijn verplicht te werken aan de aanleg van bruggen, wegen, spoorlijnen, luchthavens, irrigatiekanalen, toeristische trekpleisters en elektriciteitscentrales. In de oorlog tegen de minderheden worden burgers als dragers voor het leger of als levende mijnenvegers ingezet.
De International Labour Organisation (ILO), stelt dat de junta hiermee een ‘misdaad tegen de mensheid’ begaat. De ILO maakt zich ernstige zorgen over de voortdurende grootschalige praktijk van dwangarbeid in Birma en de weigering van de Birmese junta om hier daadwerkelijk tegen op te treden.
Verkrachtingen
Volgens verschillende internationale organisaties als Amnesty International en Refugees International en Birmese organisaties als 'licence to rape' wordt verkrachting stelselmatig toegepast als oorlogswapen. Etnische minderheden zijn meestal het slachtoffer. Vooral in de Shanstaat zijn veel gevallen bekend van verkrachting en moord op vrouwen.
Binnenlandse ontheemden
Veel Birmezen die niet hebben kunnen vluchten naar het buitenland, vooral etnische minderheden, moeten zich schuil houden in de jungle. Zij leven in tijdelijke kampen, kunnen pas na zonsondergang koken zodat het leger de rook van hun vuur niet ziet en moeten voortdurend oppassen dat zij niet gezien worden door rondtrekkende leger eenheden. Landmijnen zijn voor hen een groot risico.
Minderheden
Etnische minderheden worden het zwaarst getroffen door mensenrechtenschendingen. Zij staan bloot aan pogingen van de militaire junta om hen te 'birmaniseren'. Hoewel er officieel vrijheid van religie is in Myanmar, worden Moslims en Christenen vaak hard onderdrukt.




